Skip to main content

Opinie: Een goede boer is op de toekomst voorbereid

In de serie opinieartikelen in het Friesch Dagblad, die op initiatief van de Waddenacademie tot stand komen is een artikel verschenen van Pier Vellinga portefeuillehouder klimaat en water bij de Waddenacademie.

Aardappelteelt in het noorden van Friesland. Foto Jan vander Straaten Saxifraga

Aardappelteelt in het noorden van Friesland. Foto Jan vander Straaten Saxifraga

Het werd lang als lokaal probleem gezien: de verzilting van laag Nederland. Tot de zomer van 2018, toen door de droogte zout grondwater oprukte. Kennis van nieuwe teeltmethoden voor zouttolerante gewassen is daarom hard nodig.

Waarom gingen onze voorouders wonen in een land dat steeds door de zee werd overspoeld? Dat vraag je je af nu de veengebieden zakken, de zeespiegel stijgt en de zoute kwel oprukt.

Het antwoord op bovenstaande vraag vormen de vruchtbare gronden en de bescherming van het water tegen vreemde overheersing. Een goede keuze. In de middeleeuwen was het Friese kustgebied rijker en dichter bevolkt dan de rest van Europa. Nog steeds is dat goed zichtbaar in de elf steden.

Klimaatverandering

Nu zien we nieuwe uitdagingen op ons afkomen. Om rendabel te blijven op de wereldmarkt heeft de landbouw steeds meer een industrieel karakter gekregen, ten koste van natuur en landschap. We missen de grutto, de kievit en het bloemrijke landschap. Klimaatverandering maakt die uitdaging nog groter. Kunnen we nog wel voedsel produceren in een gebied dat zo onder druk staat?

Ik wil aandacht vragen voor een probleem dat nu nog wat verder weg ligt: de ‘verbrakking’ van laag Nederland. Daarmee bedoel ik niet dat gevoel na een nachtje stappen. Verbrakking krijg je wanneer het zoute grondwater omhoog wordt geduwd door een stijgende zee.

Zeespiegel

Nu kan het zoute kwelwater nog worden weggespoeld met zoet IJsselmeerwater. Maar wanneer de zeespiegel met één of meer meters stijgt, zoals aangegeven door het Deltaprogramma, lukt dat niet meer. We kunnen de dijken nog wel verhogen, maar het zoute grondwater tegenhouden gaat niet. De diepere ondergrond bestaat immers uit doorlaatbaar zand.

‘Zoute kwel in Friesland is nu een zeer lokaal probleem, niet iets om je zorgen over te maken. We merken er weinig van.’ Dat was de houding bij de boeren, bij LTO, bij de provincie en bij de waterschappen.

Tot de zomer van 2018. Dat jaar hadden we te maken met droogte en met oprukkend zout grondwater als gevolg. De oogsten waren die zomer veel lager en wat vroeger werd aangezien voor droogteschade, bleek in vele gevallen zoutschade te zijn, zo lieten de metingen zien.

Internationaal project

Verzilting heeft nu de aandacht. De eerste remedie tegen is: het zoete regenwater vasthouden en een ondergrondse zoetwaterlens opbouwen. Tegelijkertijd wordt er voorzichtig geëxperimenteerd met zouttolerante gewassen. Het zilt-proefbedrijf op Texel heeft voor de zandrijke gronden goede resultaten laten zien.

Op zware kleigrond moet dat nog blijken. Daartoe worden de komende jaren experimenten gedaan in de Kollumerwaard bij het landbouwkundig proefstation SPNA en in de provincie Groningen in een akkerbouwgebied tussen de dijken.

Gezien de scenario’s voor zeespiegelstijging, de internationale dimensie ervan en de kansen die dit biedt, heeft de Waddenacademie enkele jaren geleden een internationaal project opgezet met boeren, ondernemers en wetenschappers. Doel is het doen van veldonderzoek onder zoute condities in alle zeven landen rondom de Noordzee.

Van elkaar leren

Dit project, Salfar, is begonnen in 2017 met steun van het EU Intereg Noordzeeregio programma. Doel is om van elkaar te leren. En meer, want er is wereldwijd een gebied zo groot als de Verenigde Staten dat te zout is voor traditionele teeltmethoden en traditionele gewassen. Het gaat om gebieden in Egypte, Bangladesh, Iran, Ghana, Senegal en ook Australië.

Toepassing van nieuwe teeltmethoden en zouttolerante gewassen op wereldschaal kan een flinke bijdrage leveren aan de vermindering van voedselschaarste. Kennis ervan kan ook werk en geld opleveren juist voor onze regio. Wie zaden of pootaardappelen kan leveren die net wat meer zout kunnen verdragen, is koopman.

Vanuit de hele wereld komen daarom van 10 tot 13 september tijdens een conferentie zo’n tweehonderd deskundigen (wetenschappers en mensen uit de praktijk) bij elkaar in Leeuwarden om de kansen en mogelijkheden te bespreken. Ook kunnen ze via excursies naar Texel, Terschelling en naar Emden en kennismaken met de praktijk van voedselproductie onder zoute condities.

Immers, een goede boer is op zijn toekomst voorbereid.

Dit artikel verscheen op 4 september in het Friesch Dagblad.

Bekijk ook het overzicht van alle sinds mei 2011 verschenen opinieartikelen.