De Rijksdienst duikt in de Waddenzee

Van 8 tot en met 12 september voerden medewerkers van het Maritiem Programma van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed onderzoek uit in het gebied Burgzand Noord in de Waddenzee.

Het gebied Burgzand Noord was in de 17de eeuw het centrum van de buitenhaven voor Texel. Hier lagen de grote zeegaande schepen te laden en te lossen en vaak ook te wachten op een gunstige wind om uit te varen. In de loop van de tijd zijn zo'n 1000 schepen vergaan in het gebied. Sinds de jaren '80 van de 20ste eeuw zijn in het gebied meerdere wrakken gevonden en onderzocht door sportduikers en overheidsinstanties. Sommige van deze scheepswrakken zijn beschermd in het kader van verschillende Europese projecten. Momenteel zijn er 13 scheepswrakken bekend in het gebied van Burgzand Noord. In 2003 is het gebied als beschermd rijksmonument aangewezen.

Bewaren in de bodem
Eén van de afspraken van het huidige archeologiebeleid in binnen- en buitenland is om archeologische restanten in de bodem te laten zitten; ze worden in-situ bewaard. Bij onderwaterarcheologie gaat het dan vaak over scheepswrakken die na onderzoek worden afgedekt met netten en zand. Het is echter lang niet altijd duidelijk wat er daarna met deze restanten gebeurt.

Met de huidige technieken kunnen we nog niet nauwkeurig genoeg om in de bodem kijken. Daarnaast is het de vraag of afdekken met netten altijd de beste methode is, of dat er soms andere, minder statische oplossingen zijn.

Onderzoek naar beste bescherming scheepswrakken
Om deze en andere vragen op te lossen is er in 2012 gestart met het Europese onderzoeksproject SASMAP. In 2013 is voor het eerst kunstmatig zeegras geplaatst op het wrak de Burgzand Noord 10 als nieuwe beschermingsmethode. Dit jaar voerde de Rijksdienst van 8 tot en met 12 september opnieuw onderzoek uit op deze archeologische site voor de kust van Texel.

Lees het volledige artikel op de website van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.