Duurzame Wadden

DELFZIJL - Zeehonden, toeristen en ondernemers moeten de ruimte krijgen in het waddengebied. De duurzame bundeling van alle verschillende belangen is de kern van de Kennisagenda die de Waddenacademie vandaag presenteert.

Duurzaamheid in en rond de Waddenzee staat voorop. Het natuurbelang houdt de hoogste prioriteit, maar er is ruimte voor medegebruik. Als bedrijvigheid en natuur een verantwoord geheel vormen, moet het mogelijk zijn dat de verschillende disciplines elkaar versterken. Integraal aan de slag gaan. Dat is het uitgangspunt van de Kennisagenda die de Waddenacademie vandaag op de Waddentoogdag in Delfzijl presenteert. Het is een visie over de situatie zoals die over pakweg twintig jaar zal zijn. 'Het is een ambitieus programma', weet Pavel Kabat. Als voorzitter vormt de Wageningse hoogleraar samen met vier andere wetenschappers, allen met verschillende vakgebieden, het bestuur van de Waddenacademie. Vorig jaar juli is dit instituut officieel opgericht.
Om zorgvuldig met de natuurlijke en maatschappelijke waarden van het waddengebied te kunnen omgaan, bleek meer wetenschappelijke kennis nodig te zijn. Dat klinkt raar, in een vermaard natuurgebied waar de ene na de andere onderzoeker opduikt. 'Er is al heel veel bekend', erkent Kabat. 'Maar bij het samenstellen van de Kennisagenda blijkt dat er telkens iets mist. Daardoor wordt de samenhang in het werkgebied niet duidelijk.'

KRAAMKAMER
'Het waddengebied moet zich ontwikkelen tot een kraamkamer voor breed toepasbare, integrale kennis over duurzame ontwikkeling van een kustgebied, waar natuurwaarden centraal staan en een dragend onderdeel vormen van de lokale en regionale economie', zo meldt de Kennisagenda in een wervende tekst. 'Het wordt een ontmoetingsplaats voor wetenschappers uit binnen- en buitenland, voor bestuurders, beleidsmakers en beheerders. Op basis van hun kennis, van allerlei disciplines, zoeken zij samen naar duurzame en vernieuwende oplossingen.' 'In 2020 vormt het trilaterale waddengebied, dus van Nederland, Duitsland en Denemarken samen, het best gemonitorde en best begrepen kustsysteem in de wereld.'

Dat is althans de wens van de Waddenacademie. Kabat, zelf portefeuillehouder voor klimaat en water, heeft er alle vertrouwen in dat het lukt. En dan kan Nederland er goed mee voor de dag komen. 'Wij kunnen voorop lopen, zowel in trilateraal verband als ook wereldwijd. Er bestaan zo'n driehonderd vergelijkbare estuaria, allemaal met soortgelijke problemen. Wij willen laten zien dat we het hier kunnen, met de aanpak en de exploitatie van onze waddenregio.' Dat Kabat zo zelfbewust is, heeft te maken met de steun die hij krijgt. Bij het opstellen van de Kennisagenda was de animo naar zijn zeggen bijzonder groot onder kenniswerkers, instituten en ook de regering. In totaal tweehonderd wetenschappers zijn bij de totstandkoming van het plan betrokken. 'Iedereen ziet het belang er van in en de vooruitzichten voor financiering zijn gunstig.'

NATUURWAARDEN
Hoe vernieuwend de agenda voor het waddengebied ook is, de natuurwaarden blijven nadrukkelijk voorop staan. Dat is wettelijk vastgelegd. Maar daar is volgens de Waddenacademie nog wel wat over te zeggen. Kabat: 'Het gaat over de toekomstige staat van de natuur. Er wordt nu steeds gesproken over herstel, maar wat betekent dat? Herstel van de toestand van vijftig of honderd jaar geleden? En hoe krijg je dat voor elkaar?' De vraag die de wetenschappers en beleidsmakers veel meer moet bezighouden, is hoe de natuur op termijn zo robuust mogelijk kan blijven, zegt de academievoorzitter. 'Het is een complexe materie die de aandacht vraagt van verschillende partijen.' Kabat verduidelijkt het met een voorbeeld: als we zorgen dat mosselbanken zich kunnen herstellen door afnemende visserij, wat is dan het effect als we tegelijk extra zand de zee inbrengen om de zeespiegelstijging te compenseren? Dat zal gevolgen hebben voor de samenstelling van het slib en de doorzichtigheid van het zeewater, waarmee mogelijk het herstel van de mosselbanken teniet wordt gedaan. 'We kunnen dus heel veel financiële middelen in de aanvoer van zand stoppen', komt de wetenschapper met een tweede hypothetisch geval, 'maar als we tegelijk werken aan de ontwikkeling van zeegrasvelden in de Waddenzee, dan is de samenhang van de projecten helemaal verloren.'

Alles moet in samenhang met elkaar worden bekeken, is dus een van de uitgangspunten van de Kennisagenda. 'Want anders bedenken we tien jaar na de uitvoering van een maatregel dat het anders had gemoeten. Dan zijn we te laat. We moeten daarom voortdurend volgen wat zich in het gebied afspeelt.', stelt Kabat. Dat geldt voor natuur, maar voor duurzaam medegebruik in de regio is het niet anders. De mogelijkheden van andere functies kennen beperkingen, maar de Waddenacademie ziet kansen. Een middel is om een economische waarde aan de waddennatuur toe te kennen en daar het belang van andere, duurzame activiteiten aan af te wegen. Zo ontstaat een nieuwe benadering: de natuurwaarde als drager van de economie. 'En als zo het natuurbelang minder scherp kan worden gesteld, dan zijn er meer mogelijkheden, ook voor toerisme', stelt Kabat. Wat er dan gebeurt, zal steeds moeten worden bijgehouden, zoals alle ontwikkelingen in het waddengebied. 'Zien hoe het gaat, zodat je kunt ingrijpen als dat nodig is', bepleit de academievoorzitter.

WAARBORGEN
Op de rol voor de komende jaren staan drie grote onderzoeksprogramma's, met klimaat, natuur en welzijn als thema's. Bij het eerste gaat het om het waarborgen van de waddenregio en haar bevolking, een actuele kwestie in de tijd van klimaatverandering en zeespiegelstijging. Onder ditzelfde programma valt het creëren van een duurzame energiehuishouding, het streven naar een klimaatneutrale situatie. Als bijvoorbeeld havens worden benut voor aanvoer van energiegrondstoffen en -productie, waarbij ook de restwarmte zinvol wordt gebruikt, en als er elektriciteit gewonnen wordt uit getij, dan is dat duurzame energieopwekking. De ruimte zal dan vooral gevonden worden in de waddenkustzone, stelt de Waddenacademie. Daar ligt een open, weids landschap en zijn natuur en getij waarden die gekoesterd worden. Er ligt een spanningsveld tussen natuurlijke en cultuurhistorische waarden aan de ene kant en de wens van het creeren van vernieuwende 'energielandschappen'.

Een tweede programma gaat over bescherming, ontwikkeling en adaptatie van de natuur. Als vormen van medegebruik van het waddengebied de natuur beïnvloeden, dan is het de vraag wat er kan worden bijgesteld. Ditzelfde onderdeel gaat ook in op het beheer en de inrichting van het waddengebied. Van belang is welke ontwikkelingen op lange termijn de hoogste natuurwaarden garanderen en wat nou eigenlijk de belangrijke karakteristieken zijn van deze natuur. Met de onvermijdelijke vraag wat er mogelijk is en blijft als de omstandigheden veranderen.

GEMEENSCHAP
Om het integrale karakter van het programma nog eens te beklemtonen: het derde onderwerp gaat over duurzame economie, een leefbare gemeenschap en een vitaal landschap in het waddengebied. Het uitgangspunt is streven naar werk, inkomen en leefbaarheid voor de bevolking. Daarbij kijken de onderzoekers ook buiten de gebiedsgrenzen, want regionale en mondiale veranderingen in de economie doen vanzelfsprekend ook hier hun invloed gelden. Wat de leefbare gemeenschap en het vitale landschap betreft, is het de vraag op welke manier die leefbaarheid voor de bewoners gegarandeerd kan worden in een gebied waar de natuurwaarden van de wadden voorrang krijgen. Het is de kunst in zo'n positie de sociale samenhang, een herkenbaar en vitaal cultuurlandschap en een levend erfgoed overeind te houden. Met dit soort zaken zullen de onderzoekers zich de komende jaren bezig houden. Voor de uitvoering van de plannen is zo'n vijftien jaar nodig, verwacht Kabat. Hij denkt aan kleine clusters van wetenschappers die er mee aan de slag gaan: 'Dat levert creativiteit op, maar ze moeten er wel op letten dat hun plannen binnen het geheel passen.'

ZEESPIEGEL
Als vermaard klimaatdeskundige heeft de academievoorzitter zelf speciaal oog voor de veiligheid in het waddengebied. Als het zeewater omhoog komt, heeft dat consequenties voor de streek. Dan is de veiligheid aan de orde. Eerst is de vraag, zegt Kabat, in hoeverre onze overheid maatregelen wil treffen bij het stijgen van de zeespiegel. Er wordt al veel gesproken over dijkverhoging en eventueel dijkverbreding. Dat zal het aanzien van het landschap onmiskenbaar veranderen. De afweging moet worden gemaakt hoe ver dynamisch kustbeheer kan worden toegepast en in hoeverre zandsuppletie bijdraagt aan het behoud van het waddensysteem. Als het water volgens extreme modellen stijgt, dan blijft er van het hele waddensysteem met platen en geulen niks over. De veranderingen van de natuur zullen in zo'n geval enorm zijn. Om daar in dit stadium iets zinnigs over te kunnen zeggen, richt Kabat zich op prognoses die met de regelmaat van de klok steeds worden bijgesteld. Feit is dat de afgelopen jaren de gemiddelde temperatuur hier sneller is gestegen dan het mondiale gemiddelde. Feit is ook dat de watertemperatuur in ondiepe kustzeeën, zoals de Noordzee waarmee de Waddenzee direct in verbinding staat, sneller verandert dan die in oceanen. In de laatste 30 jaar werd het waddenzeewater 1,5 graad warmer. Daarmee is ook het aantal zware buien toegenomen. Dat de natuur zal veranderen, staat vast. Alleen al het warmere zeewater zal planten en dieren verdrijven en andere soorten aantrekken.

In welk tempo de klimaatverandering zich op lange termijn voltrekt en in welke mate precies, is nog onduidelijk. Maar een ding is volstrekt helder, weet Kabat: 'Een afkoeling komt er niet.' Voor het waddengebied is zelfs een eigen stormbeleid nodig, omdat de situatie hier verschilt met de Hollandse Noordzeekust en de Delta. Recent onderzoek heeft aangetoond dat bij storm de golven in de Waddenzee 30 tot 50 centimeter hoger komen. Dat heeft te maken met de specifieke ligging van deze zee, waardoor een soort trechterwerking ontstaat.

WADDENOPLEIDING
Het is een ontwikkeling die nog jaren onderzoek zal vergen, waar een nieuwe generatie waddenonderzoekers bij betrokken zal zijn. De Waddenacademie loopt daar in de Kennisagenda al op vooruit met een initiatief voor het oprichten van een internationale waddenopleiding, een Research School of Excellence Wadden. Dat moet gebeuren in samenwerking met onderzoeksscholen en universiteiten. Tegelijk probeert de academie masterprogramma's op universiteiten tot stand te brengen. 'Wellicht te beginnen in Groningen', vertelt Kabat, 'maar snel ook op universiteiten in andere steden. We kunnen dat mogelijk ook samen met Duitsland doen.' Het is een kans voor de integrale benadering: de biologie-student die tijdens zijn masteropleiding naar de andere disciplines in het waddengebied kijkt en er ook onderzoeksstages doet. Zo'n initiatief raakt de kern van wat de Waddenacademie wil, zegt Kabat nog eens: 'De samenhang zoeken in de verschillende disciplines, die met het waddengebied te maken hebben.'