Nederland is verslaafd aan dijken en afkicken is erg moeilijk

Groningen -''Dijken bouwen heeft iets verslavends. Eerst is het leuk en nuttig, maar dan reken je op die bescherming, en zit je eraan vast. " Ecoloog Han van Dobben van Alterra was een van de wetenschappers die gisteren in Groningen zijn mening gaf op een conferentie over de toekomst van de Waddenzee. "Wanneer je zo'n dijk bouwt', stopt de afzetting van slib. De bodem achter de dijk klinkt in, en zo maakt die dijk zichzelf steeds noodzakelijker.''

Zijn punt is duidelijk: door zo hardnekkig vast te houden aan een harde kustlijn, brengen we het ecosysteem voorbij de dijken op lange termijn in de knel. Provinciale Staten van Groningen hielden de conferentie naar aanleiding van de Kustvisie die daar over twee weken wordt behandeld. Ze hopen dat de wetenschap ze wijzer kon maken over de gevolgen van de klimaatverandering voor de Waddenzee na 2050.

Van Dobben stond niet alleen in zijn verzet tegen het denken in staal en beton. Ook prof. Marcel Stive, lid van de Deltacommissie onder leiding van oud-minister Veerman, gebruikte de beeldspraak van de verslaving aan harde dijken. "We kunnen niet afkicken; dan is de schade te groot. Maar we kunnen wel kijken of we het niet een beetje kunnen proberen, bijvoorbeeld door op één plek de dijk een stukje terug te leggen. Ik hoop dat deze discussie de provincie wat verder brengt dan alleen de ambitie om de bestaande dijken te versterken."

Wel overstromen
Voor zo'n experiment met een ander soort dijk is nog wel tijd, betoogde Albert Oost van Deltares. Tot 2050 is de zeespiegelstijging te overzien. "Dat geeft ons de kans dingen uit te proberen." Oost wees op de mogelijkheid van brede dijken - die wel kunnen overstromen maar niet kunnen breken - waardoor achter die dijken een strook brakke natuur kan ontstaan, eventueel met zilte landbouw. Oost schaart zich daarmee achter klimaatdeskundige prof. Pier Vellinga -  columnist van het Friesch Dagblad. Die pleit al langer voor brede, doorbraakvrije dijken. Eerder brak Oost een lans voor het doorbreken van de stuifdijk op Terschelling, om daar ook de natuur de gelegenheid te geven haar eigen vorm te vinden. Een voorstel dat gevoelig ligt op het eiland.

Prof. Pavel Kabat, voorzitter van de Waddenacademie, wees in de discussie geregeld op de kloof tussen wetenschappelijke theorie en politieke werkelijkheid. De plannen kunnen nog zo mooi zijn, de bevolking moet er wel achter staan. "Ik hoor vaak het argument van zilte teelt, maar ondertussen is er nog geen aardappelboer die overstapt op zeekraal."

De prikkelende vraag die de conferentie als motto had, was: "Verzuipt de Waddenzee?" De wetenschappers plaatsten kanttekeningen bij de verwachtingen die de politici van ze leken te hebben. ,,De politiek moet leren omgaan met wetenschappelijke onzekerheden. Wij kunnen voor de toekomst geen keihard getal noemen, hooguit een bandbreedte. En ook dat is een verwachting, geen voorspelling", zei Salomon Kroonenberg, hoogleraar geologie in Delft. Hij pleitte dan ook voor een voorzichtige aanpak van eventuele veranderingen. ,,Handel naar bevind van zaken, zoals met de gaswinning onder het wad. Hand aan de kraan, met de mogelijkheid tot bijsturen als daar aanleiding toe is." 

Bron: Friesch dagblad 27 mei 2009