Opinie: Hebben we voldoende kennis van het Waddengebied?

In de serie opinieartikelen in het Friesch Dagblad, die op initiatief van de Waddenacademie tot stand komen is een artikel verschenen van Bas Eenhoorn, burgemeester van Amstelveen en tot 15 november 2018 voorzitter van het Regiecollege Waddengebied.

Zandzuiger op het wad bij Holwerd. Foto: TS

In het Waddengebied spelen diverse belangen een rol. Maar hoe verhouden die zich tot de natuur? Hoe beter onze kennis en hoe steviger het beleid voor de Wadden, des te trotser we met z’n allen kunnen zijn op dit onvervangbare natuurgebied.

De natuurlijke waarden van het Waddengebied behouden en versterken, met ruimte voor duurzaam medegebruik door de mens. Dat klinkt mooi als een ferm uitgangspunt. Het bepaalt de manier waarop we met ons magnifieke Werelderfgoed en de eilanden en de kust eromheen willen omgaan. Je zou zeggen, dat is dan klaar en daar gaan we. Het beleid op elkaar afstemmen - ik heb dat de afgelopen zes jaar mogen doen als voorzitter van het Regiecollege Waddengebied - en vervolgens afspraken maken over het beheer.

Allerlei belangen

Maar zo makkelijk gaat het in de praktijk niet. Want vaak tellen ineens allerlei belangen heel zwaar. En hoe weeg je deze belangen ten opzichte van het belang van de natuur? Bijvoorbeeld dat van gas- of zoutwinning of behoud van werkgelegenheid in een sector, waarvan we weten dat er tot nu toe schade aan de natuur wordt gedaan?

Het papier is geduldig, en alles staat fraai beschreven in de Structuurvisie Waddengebied die meer dan tien jaar geleden is vastgesteld. Maar we moeten beter inzicht hebben in de gevolgen van het menselijk handelen. En we moeten weten wat de gevolgen zijn van veranderingen in de natuur: de stijging van de zeespiegel, de daling van de wadbodem en de sedimentatie, de afzetting van zand in de Wadden dus.

Wat willen we wel en niet?

We hebben afgesproken dat er nieuwe afspraak over het beleid voor het Waddengebied komt, de zogeheten Omgevingsvisie, en daarvoor maken we eerst een gebiedsagenda. Allemaal ‘shop-talk’ voor de insiders natuurlijk, maar het komt erop neer dat we opnieuw willen afwegen wat we wel en niet willen in het Waddengebied en hoe we vervolgens het beheer gaan regelen. Daarvoor moet je wel weten wat het gevolg is van wat de mensen doen in de Wadden.

Maar daarvoor ligt nog een andere vraag, namelijk hoe zit de natuur in elkaar. Wat weten van de vissen, wat weten we van de wad- en trekvogels, wat weten van de dieren in de bodem, kortom hebben we voldoende kennis van zaken? En hoe ontwikkel je een duurzame economie, zodat er werk voor de mensen in het gebied blijft?

Onder leiding van professor Jouke van Dijk is de Waddenacademie een centrum voor wetenschappelijk onderzoek, en het doet zijn werk goed. Dat is onlangs geoordeeld onder leiding van een commissie met oud minister Sybilla Dekker als voorzitter.

Beter beleid

Wat vooral heel goed is, is dat er verbanden worden gelegd met veel onderzoeksinstellingen zodat kennis niet verloren raakt. En toch het kan nog beter, want beter beleid voor de toekomst van de Wadden vraagt om meer kennis.

Professor Theunis Piersma doet op wereldniveau onderzoek naar het gedrag van vogels, waarvoor het Waddengebied onmisbaar. De kanoet, de rosse grutto zijn prachtige voorbeelden daarvan. Dat onderzoek vraagt heel veel tijd, uithoudingsvermogen en geld.

De beide Friese hoogleraren zouden hun denkkracht nog meer bij elkaar kunnen leggen en daarmee de politici, die het beleid voor het Waddengebied opnieuw vaststellen, steviger vastpinnen op wat goed is voor het Werelderfgoed. En dus wat goed is voor de mensen die er werken, zich er ontspannen en er willen genieten van al het moois dat er is.

Onvoorspelbaar

De film Wad heeft ons allemaal weer doordrongen van de noodzaak dat te doen. Het Waddengebied is soms onvoorspelbaar door de grote verscheidenheid van de beweging (dynamiek) in de tijd en de ruimte. De waan van de dag, soms gevoed door politieke beginselloos handelen, kan veel kapot maken. Hoe beter onze kennis, hoe steviger we dat vertalen in lijnen van beleid, met lef en leiderschap uitgevoerd, des te trotser we kunnen zijn op wat we voor onze (klein)- kinderen achterlaten: een onvervangbaar natuurgebied, waar wij, verantwoordelijke mensen, met de grootste zorg mee omgaan.

Dit artikel verscheen op 27 november in het Friesch Dagblad.

Bekijk ook het overzicht van alle sinds mei 2011 verschenen opinieartikelen.