Zieke Eems weer gezond maken

Bescherming van de kwetsbare waddennatuur staat hoog op de agenda. Minder aandacht is er voor de Eems, de troebele rivier die in open verbinding staat met de Waddenzee. Uit onverwachte hoek zijn er initiatieven om de Eemsdelta weer gezond te maken en de biodiversiteit te herstellen.

Eemshaven. Foto beeldbank RWS Joop van Houdt.

Het waddengebied kreeg in 2009 van UNESCO de status van natuurlijk werelderfgoed. Op internationale ranglijsten prijkt het boven plekken als het Franse Mont St. Michel als het gaat om  natuurlijk en culturele rijkdom. Direct aan dat waardevolle gebied grenst Groningen Seaports, logistiek knooppunt en economische motor van het Noordoosten van het land. Stroomopwaarts is de Eems in het Duitse Papenburg een ader voor industriële en logistieke activiteit.  Al deze economische activiteit aan de rand van het werelderfgoed heeft zijn weerslag op het natuurlijk evenwicht en de biodiversiteit in het gebied.

Greenwashing of oprechte bedoelingen?
Hoopgevend is dat het bedrijfsleven in de Eemsdelta de handschoen zelf op pakt. Ook hier zetten sceptici vraagtekens bij, want valt dit niet onder het kopje green washing: Een groen sausje gieten over economische activiteiten, dat de verstrekkende en nadelige gevolgen aan het eerste gezicht moet onttrekken.

Als geen ander weet Harm Post hoe gevoelig het onderwerp economische groei aan de rand van het werelderfgoed Waddenzee is. Als directeur van Groningen Seaports en interimdirecteur van de haven van Lauwersoog staat hij midden in het debat over economie versus natuur. Post is stellig over de motivatie van de bedrijven en de resultaten die zij boeken. Bijvoorbeeld met het project Eemsdelta Green en door het behalen van Ecoports certificaten. Post: “Groningen Seaports is geen koninkrijk dat geheel zijn eigen gang gaat. Ik ben ervan overtuigd dat de bedrijven hier zich oprecht betrokken voelen bij de toestand van de Waddenzee en de Eems. Een chemiebedrijf als Teijin Aramid had bijvoorbeeld nog vergunningen om water in de Eems te laten lopen. Zij hebben er zelf voor gekozen om te investeren in waterzuivering. Al moet het bedrijf op dit moment door economische tegenwind ook mensen ontslaan. Als haven overleggen we ook met natuur- en milieuorganisaties over ontwikkelingen voor we stappen zetten. Dat doen we uit noodzaak, niet om natuurclubs bij voorbaat te neutraliseren.”

Groningen Seaports sponsort een leerstoel aan de RUG. Doel is onderzoek te doen naar hergebruik van de 150 MW aan restwarmte die de haven produceert. “Het bedrijfsleven voelt en neemt de verantwoordelijkheid voor het werelderfgoed dus wel degelijk”, zegt Post. “Terwijl overheden vuistdikke rapporten schrijven over groene groei, zet het bedrijfsleven al heel concrete stappen.” Als voorbeeld haalt Post de bouw van de olie-overslagterminal van Vopak aan. “Toen de Golf van Mexico vol liep met olie van BP, bereikten we hier met natuurverenigingen overeenstemming over de bouw van een olieoverslagterminal van Vopak. Je snapt bij voorbaat dat het voornemen om met olietankers door de Waddenzee te varen niet met open armen ontvangen werd door milieuclubs. Vopak zocht contact met de Waddenvereniging en samen werkten zij aan duurzame oplossingen, zoals dubbelwandige tankers, intelligente verlichting in de terminal die niet de hele nacht brandt en afzuiging en zuivering van dampen.”

Het programma Eemsdelta Green is bedoeld om de economie in het gebied te vergroenen. Ondoorzichtige regelgeving of gebrek aan financiering kunnen groene projecten van bedrijven belemmeren. Zo kan de haven inspringen door projecten voor te financieren om banken op die manier zover te krijgen toch met geld over de brug te komen. Eemsdelta Green analyseert projecten en problemen en probeert dergelijke blokkades weg te nemen. Programmamanager Gerlof Hotsma: “Bedrijven willen vooral praktisch aan de slag kunnen gaan. We hebben geen harde doelen gesteld om bijvoorbeeld een bepaalde hoeveelheid CO2 minder uit te stoten. Wat we vooral willen bereiken is dat groene projecten in eerste instantie doorgang vinden. Natuurlijk willen we de resultaten uiteindelijk wel inzichtelijk maken.” Om verantwoording af te leggen gaat Eems Delta Green jaarlijks een duurzaamheidsverslag uitgeven. Bottleneck is meting van resultaten. Hotsma: “Het liefst willen we natuurlijk heel duidelijk laten zien dat onze inspanningen ook zin hebben. We denken erover om daarvoor bijvoorbeeld een promotieonderzoek op te zetten. Want hoe laat je zien dat de milieubelasting in het gebied omlaag gaat?”

Energiecentrale
Politiek gezien gaat overleg over het stroomgebied van de Eems moeizaam. Dat komt onder meer doordat de rivier in het noordoosten van Nederland de grens vormt met Duitsland. Toch wordt er weer serieus overleg gevoerd en moet er eind 2013 een zogenoemd integraal management plan liggen, met voorstellen over hoe de waterkwaliteit in de Eems verbeterd kan worden. De Europese commissie dringt erop aan dat er dan niet alleen een plan ligt, maar dat er al concrete resultaten te melden zijn. In 2015 moet er een beheerplan Natura 2000 met maatregelen voor het gebied klaar zijn.

Hoe vallen deze intenties te rijmen met de bouw van de nieuwe energiecentrale van RWE? De centrale draait op gemalen steenkool en biomassa. Dit voorjaar tekenden dertien Nederlandse en Duitse natuurorganisaties nog bezwaar aan tegen de komst van de centrale. De centrale stoot schadelijke stoffen als kwik en stikstof uit. Bovendien moet voor bevoorrading van de centrale de vaargeul opnieuw verdiept worden, wat zorgt voor een verdere verslechtering van het Estuarium van de Eems. Post: “Ik begrijp de ophef over de centrale. Maar een dergelijk project moet je in Europees en niet in lokaal verband zien. Door de bouw van deze efficiëntere centrale kan elders een zwaar vervuilende bruinkoolcentrale sluiten.”

Wetenschap
In het onlangs verschenen jaarverslag van de Waddenacademie, dringt Post aan op meer samenwerking tussen wetenschap en bedrijfsleven om de Eemsdelta weer gezond te maken. Post: “Ik bemerk bij wetenschappers een aarzeling als er vragen vanuit het bedrijfsleven komen. Dat is in mijn ogen onnodig en onwenselijk. Voor de duurzame toekomst van het gebied is samenwerking van wetenschap en bedrijfsleven om keuzes te maken gebaseerd op onafhankelijk onderzoek onmisbaar.”

De Waddenacademie, onderdeel van de Koninklijke Academie van Wetenschappen, zou daarin een rol van betekenis kunnen spelen. De Waddenacademie heeft tot doel kennis en begrip op te bouwen van het waddengebied als systeem, zodat op basis daarvan de beste duurzame beslissingen voor de toekomst gemaakt kunnen worden. Voorzitter van de Waddenacademie Jouke van Dijk onderschrijft dat er kansen liggen in samenwerking tussen bedrijfsleven en wetenschap: “Uiteindelijk heeft iedereen het meeste baat bij onderzoek dat de feitelijke waarheid aantoont. Probleem is soms wel dat onderzoek niet altijd precies en heel snel de waarheid boven water kan krijgen, want problemen zijn vaak erg complex en wetenschappers zijn het ook niet altijd eens. Dat moet voor alle partijen duidelijk zijn en vraagt om goede afspraken vooraf en maximaal mogelijke openheid tijdens het hele proces.  In het Eemsgebied liggen kansen op dit gebied. Juist mensen als Harm Post, die een belangrijk economisch cluster vertegenwoordigen zijn daarbij nodig. Mensen die de waarde van samenwerking inzien en niet bang zijn om schijnbaar lastige kwesties te benoemen en aan te pakken.”

Dit artikel is in een bewerkte versie onlangs verschenen in Changemagazine.