Archeologie vanuit de lucht

Door: Hans Revier
Datum: 26 november 2015

‘Die Erschreckliche Wasser Fluth’ uit 1683. Bron: Wikimedia

In de loop der eeuwen teisterden vele stormen het waddengebied. Soms verzwolg de zee grote delen van het kustgebied. Dorpen gingen ten onder en landerijen verdwenen onder een dikke laag zand en slib. Door de grote dynamiek in de Waddenzee komen soms de overblijfselen van boerderijen en het oude slotenpatroon van ontgonnen land weer te voorschijn. Nieuwe radartechnieken met een hoge resolutie maakten dit zichtbaar in het noordelijkste deel van het Duitse waddengebied.

In de Middeleeuwen sloeg de zee vaak hard en genadeloos toe. Door de Cosmas en Damianusvloed, bijvoorbeeld, gingen in 1509 grote delen van het Eemsgebied verloren. Meer dan 30 dorpen en nederzettingen vielen ten prooi aan de golven en de Dollard bereikte de grootste omvang ooit. Dat de zee zo’n verwoestende uitwerking kon hebben kwam door een combinatie van hoge waterstanden, stormachtige wind en slechte kustverdediging. Bovendien was door de ontwatering van de ontgonnen veengronden een behoorlijke bodemdaling opgetreden. Eenmaal doorgebroken had zee in een groot gebied vrij spel.

Veranderingen in de Duitse Noordzee kustlijn in de laatste 1100 jaar. Bron: Gade en Kohlus

Pellworm

Het onderzochte gebied aan de Duitse kust is in oranje aangegeven. Bron: Gade en Kohlus

Een zelfde situatie deed zich voor aan de waddenkust van Sleeswijk-Holstein. Hier brak de zee in 1362 door de primitieve dijken en gingen grote delen van het kustgebied verloren. In de daarop volgende eeuwen won men daar weer land terug op de zee en legde men grote polders aan. Een enorme stormvloed in 1634, bekend onder de naam de grote Mandrenke (=verdronken mensen), vernietigde echter weer grote delen van het ontgonnen land en deed vele dorpen verdwijnen. Dit door zand en slib bedekte land vormt nu een deel van de Waddenzee van Sleeswijk-Holstein rond het eiland Pellworm en de ‘hallig’ Hooge.

SAR

Luchtopname van wadplaten bij eb ten noorden van Pellworm in de maand juli. Bron: Gade en Kohlus

Door de werking van de getijstromen erodeert soms het afgezette zand en slib en komen sporen van vervening, overblijfselen van nederzettingen en landerijen met een kenmerkend slotenpatroon aan de oppervlakte. Dit bleek o.a. uit luchtfoto’s. Omdat deze gebieden echter vaak lastig te bereiken zijn en vanaf de grond moeilijk te observeren, gebruikten Duitse onderzoekers radar met een hoge resolutie om het gebied verdere in kaart te brengen. De Synaptic Aperture Radar (SAR) maakte het mogelijk structuren met een resolutie van 26 X 26 cm in beeld te brengen. Zo ontdekte men ten noordoosten van eiland Pellworm lineaire structuren die te maken hebben met de voormalige nederzettingen.

Sloten

Waarschijnlijk hebben we hier te maken met een patroon van sloten, ooit gebruikt om het gebied te ontwateren. Dat deze sloten op de radar zichtbaar worden, heeft te maken met een andere structuur van het sediment in deze ‘fossiele’ sloten. Het is harder en ruwer en reflecteert de radargolven beter dan het omringende sediment. Ook de overblijfselen van de oorspronkelijke begroeiing draagt bij aan de zichtbaarheid op de radar. Tijdens het onderzoek stelde men echter ook vast dat in de loop van de tijd de natuurlijke dynamiek van de Waddenzee deze sporen uit het verleden weer langzamerhand uitwist.

Bronnen:

Gade, M., & Kohlus, J. (2015, July). SAR imaging of archeological sites on dry-fallen intertidal flats in the German Wadden Sea. In Geoscience and Remote Sensing Symposium (IGARSS), 2015 IEEE International (pp. 1905-1908). IEEE.

Vos, P.C. & E. Knol, 2013. De ontstaansgeschiedenis van het Dollardlandschap; natuurlijke en antropogene processen. In: K. Essink (Red.), Stormvloed 1509 – Geschiedenis van de Dollard. Stichting Verdronken Geschiedenis, Groningen, : 31-43.