Kokkelflat in Delfzijl

Door: Hans Revier
Datum: 23 april 2015

Vennenflat: Foto: Herman Verheij.

Een flatgebouw uit de jaren zestig staat symbool voor de verbroken relatie tussen Delfzijl en de Waddenzee. Nu de stad deze relatie tracht te herstellen is het de vraag wat er met deze Vennenflat gebeurt. Hoogst origineel is het ontwerp van afstudeerder Joost Luijendijk van de Academie van Bouwkunst in Groningen. Hij stelt voor in de flat een kokkelkwekerij te starten. Luchtfietserij? Het kunstmatig op grote schaal kokkels kweken lijkt in ieder geval mogelijk.

Schelpdierkwekerij

Kokkels. Foto: Roy Vrouwenvelder

De Vennenflat in Delfzijl markeert de scheiding tussen het centrum van Delfzijl en het Eems-Dollard estuarium. Nu deze havenstad de verbinding van de binnenstad met de zee tracht te herstellen staat dit flatgebouw op de nominatie voor sloop. Verschillende kunstenaars en ontwerpers hebben zich al gebogen over alternatieven voor de op 6 miljoen euro geraamde sloop. Joost Luijendijk, die onlangs afstudeerde aan de Academie voor Bouwkunst in Groningen heeft een bijzonder ambitieuze nieuwe bestemming voor het gebouw: ‘Middels de transformatie van de Vennenflat tot een schelpdierkwekerij hecht Delfzijl zich weer aan de Eems en wordt de waterkwaliteit in het gebied verhoogd. De schelpdierkwekerij, verbonden aan de unieke kwaliteiten van de Eems, is exemplarisch voor de benodigde omslag naar een regiospecifieke industrie. De Vennenflat wordt getransformeerd volgens het cascadeprincipe: Zout water wordt vanuit het retentiegebied opgepompt naar het dak van de flat. Daar start de levenscyclus van de schelpdieren door algen en wieren toe te voegen aan het water.’ Het afstudeerproject van Luijendijk spreekt zich niet uit over het realiteitsgehalte van het op commerciële schaal kweken van kokkels onder kunstmatige omstandigheden. Onderzoek in Zeeland toont echter aan dat dit tot de mogelijkheden behoort.

Gesloten kringloop

Phaeodactylum tricornutum. Bron: wikipedia

Honderd volwassen kokkels, die kunstmatig waren gekweekt,  werden in het onderzoek gebruikt om onder verschillende  laboratoriumcondities larven te produceren. Onder de meest gunstige omstandigheden, met de optimale temperatuur en algenconcentratie in het water, bleken 12 kokkels 3,3 miljoen eitjes te produceren. De uit de bevruchte eitjes voortgekomen larven ontwikkelden zich tot kleine kokkeltjes. Deze groeiden het best op een dieet van algen. Vooral op een mix van de diatomeeënsoorten Phaeodactylum tricornutum en Skeletonema costatum, die van nature in de Oosterschelde voorkomen, groeiden ze snel. In een periode van veertien dagen verdrievoudigden ze in gewicht. Naar aanleiding van de gemeten groeisnelheden in het laboratorium komen de onderzoekers tot de conclusie dat uit 100 volwassen dieren in een periode van 9 maanden minstens 1 miljoen volwassen kokkels gekweekt kunnen worden. Omdat dit resultaat bereikt kan worden zonder wilde kokkels te gebruiken behoort een kokkelkweek met een gesloten kringloop tot de mogelijkheden. Of dat ooit in een flatgebouw in Delfzijl gaat gebeuren? Het gebouw zal daarvoor eerst aardbevingsbestendig moeten worden gemaakt.

Bronnen:

Pronker, A. E., Peene, F., Donner, S., Wijnhoven, S., Geijsen, P., Bossier, P., & Nevejan, N. M. (2015). Hatchery cultivation of the common cockle (Cerastoderma edule L.): from conditioning to grow-out. Aquaculture Research, 46(2), 302-312. 

http://www.eemsbode.nl/nieuws/27814/kunstenaars-zien-toekomst-vennenflat-als-cruiseschip/