Bruinvissen duiken weer op

Door: Romke Kats
Datum: 25 februari 2011

Bruinvis met kalf in Oosterschelde. Foto: WouterJan Strietman Stichting RUGVIN

Na jaren van afwezigheid is de 'Flipper' van de Noordzee weer terug in de Nederlandse kustwateren. Een uurtje of twee turen op de dijk bij Den Helder en de kans is groot dat je bruinvissen ziet. Vooral in maart zijn ze talrijk. Boven water wordt de bruinvis gespot dankzij de hulp van vele vrijwilligers. Onder water luisteren onderzoekers de bruinvis af.

De bruinvis is de kleinste walvisachtige in de Noordzee, namelijk 1,5 meter lang en 50 kilo zwaar. Rond 1900 was de bruinvis algemeen in de Nederlandse kustwateren en kwam hij in grote aantallen in de Zuiderzee voor, ook in de zomer. Vanaf 1950 is de bruinvis een zeldzaamheid geworden. Vervuiling, dalende visstanden en aantasting van leefgebieden hebben hun tol geëist. Sinds de jaren ?90 is de bruinvis weer terug van weggeweest. Het aantal waarnemingen en strandingen van bruinvissen langs onze kust is sterk toegenomen. Deze toename komt niet door natuurlijke aanwas van de populatie, maar door een verschuiving ervan.

Tellingen

Om de grootte van de populatie bruinvissen in de gehele Noordzee te bepalen, zijn in 1994 eb 2005 tellingen gedaan vanaf boten en vanuit vliegtuigen. Deze grootschalige transecttellingen vonden plaats in het kader van EU-LIFE project SCANS (Kleine Walvisachtigen in Europese Atlantische Oceaan en Noordzee). Van elke gespotte bruinvis werd de positie bepaald. Op basis hiervan kon het voorkomen (oftewel verspreiding), de dichtheid (aantal dieren per km2) en de populatiegrootte worden berekend. De populatie is tussen 1994 en 2005 vrijwel constant gebleven op ongeveer een kwart miljoen dieren. Er was wel een grootschalige verschuiving in het voorkomen (zie figuur 1). In 2005 werd tweederde van de populatie in het zuidelijke deel van de Noordzee waargenomen, terwijl in 1994 slechts een derde hier voorkwam. Dit komt overeen met de toegenomen waarnemingen van bruinvissen in Nederland. Tegelijkertijd zijn bij de Shetlandeilanden, in het noorden, de waarnemingen van bruinvissen afgenomen. Ook de reproductie van zeevogels in Schotland is afgenomen. Beide duiden op een verslechtering van de voedselomstandigheden in de noordelijke Noordzee tussen 1994 en 2005.

Figuur 1 Verspreiding (dichtheid in aantal dieren per km2) van de bruinvis in de Noordzee in 1994 en 2005 (SCANS II 2006 in PBL 2010)

Clicks

De Nederlandse kustwateren met de verschillende estuaria, zoals Oosterschelde en Eems, zijn mogelijk van belang voor reproductie en tijdens migratie. In de Oosterschelde zijn afgelopen zomer verschillende moeders met kalfjes waargenomen (zie foto). Tijdens migratie in het voorjaar worden de grootste aantallen langs de Hollandse kust gezien (zie figuur 2). Ook de Waddenzee en het Eems estuarium tot in de Dollard aan toe worden bezocht. De voedselomstandigheden zijn dan gunstig, omdat er veel kleine vissen aanwezig zijn (WadWeten 28 januari 2011). Na een zoogtijd van acht maanden gaan dan de kalven uit het voorgaande jaar deze kleine vis eten. Bruinvissen maken gebruik van sonar om voedsel te zoeken, zich te oriënteren en te communiceren. Wetenschappers kunnen met detectoren (CPOD's, Continuous POrpoise Detectors) non-stop opnames van de bruinvis sonar ('clicks') maken. Deze CPOD's geven duidelijkheid of gebieden door bruinvissen gemeden worden vanwege scheepvaart, baggeren of het heien van palen in de zeebodem. Samen met de visuele waarnemingen wordt met akoestisch afluisteren meer duidelijk over voorkomen van bruinvissen in de Nederlandse kustgebieden. Dit wordt mede mogelijk gemaakt door vele vrijwilligers (zie www.waarneming.nl).

Figuur 2 Het seizoensverloop (% van het aantal waarnemingen) van bruinvissen in de Nederlandse kustwateren (Trektellen.nl in PLB 2010)

Bronnen

Camphuysen C.J. 2004. The return of the harbour porpoise (Phocoena phocoena) in Dutch coastal waters. Lutra 47(2): 113-122.
Geelhoed S. 2007. Bruinvis in de zuidelijke Noordzee: terug van weg geweest. Zoogdier 18(2): 3-7.
Geelhoed S., van Polanen Petel T. & Scheidat M. 2009. Luisteren naar bruinvissen. Bericht IMARES Wageningen UR 27 november 2009.
Natuurbericht 2010. Oosterschelde: nieuwe kraamkamer voor bruinvissen. Op www.natuurbericht.nl
Planbureau voor de Leefomgeving 2010. Natuurkwaliteit en biodiversiteit van de Nederlandse zoute wateren. PBL-publicatienummer: 50040216/2010. Download via www.pbl.nl.
Rebel K. 2010 Bruinvissen bij Den Helder. Sula 23 (2): 87-92
SCAN II 2006. Small ceteceans in the European Atlantic and North Sea. The Quarterly Newsletter: 8 (September 2006) & 9 (December 2006)
Stichting Rugvin 2010 Bruinviskalveren geboren in Oosterschelde. Kust&ZeE-nieuws 9 (4): Aug/sept 2010.
Waarneming.nl 2011. Bruinvis gegevens afkomstig van Waarneming.nl op 22 februari 2011.

Relatie met de kennisagenda van de Waddenacademie

Gerelateerde onderdelen van de kennisagenda van de Waddenacademie en de achterliggende position papers:

Kennis voor een duurzame toekomst van de Wadden. Integrale kennisagenda van de Waddenacademie: p.41 t/m 49.

(Natuur)behoud in een veranderende wereld (position paper Ecologie) (pdf 2,7 Mb)

Lees meer in het thema Ecologie op deze site.