Romeinen op de Wadden

Door: Hans Revier
Datum: 24 maart 2016

Afgraving door A.E. van Geffen op de terp van Ezinge in 1932. Bron: Rijksuniversiteit Groningen, Groninger instituut voor Archeologie.

Dwars door Nederland loopt de grens van het voormalige Romeinse Rijk, de limes. Maar ook ten noorden van de lijn Den Haag, Utrecht, Arnhem zijn sporen gevonden van Romeinse aanwezigheid. Uit archeologisch onderzoek op verschillende terpen in het waddengebied blijkt dat het Romeinse leger in het noordelijk kweldergebied rondmarcheerde en dat de Friezen een levendige handel met de Romeinen hadden opgebouwd.

Armzalig volk

Gaius Cornelis Tacitus. Bron: Wikimedia.

Verschillende Romeinse geschiedschrijvers berichten naar aanleiding van militaire expedities tussen 12 voor en 15 na Chr. over de barre oorden ten noorden van de limes. Tacitus verhaalt in de Annales over een gebied waar de lucht en de zee in elkaar opgaan en de schepen schipbreuk lijden op onzichtbare, verraderlijke ondiepten. Plinius de Oudere beschrijft in Naturalis Historia het ‘armzalig volk dat op omhoogstekende heuvels (terpen) woont, die het zelf op grond van ervaring met de hoogste stand van de vloed met de blote hand heeft opgeworpen (…) als zeevaarders bij vloed en schipbreukelingen bij eb’. Noord-Nederland is dan een uitgestrekt kweldergebied, doorsneden met rivieren die het door de Rijn aangevoerde water via het toenmalige Flevomeer afwateren op de Noordzee. Naast jacht en visserij weten de Friezen door het beweiden van de kwelders en akkerbouw op de flanken van de terpen in hun levensonderhoud te voorzien.

Terra sigiliata

Tijdens archeologisch onderzoek op verschillende terpen in het waddengebied zijn artefacten gevonden die duiden op de Romeinse aanwezigheid in het gebied. Al in 1924 en 1934 vonden opgravingen plaats op de terp van het Groningse Ezinge. Pas in 2011 zijn de vondsten uit deze opgravingen systematisch in kaart gebracht. Opvallend daarin waren de Terra sigliata, opvallend rood gekleurde scherven aardewerk uit de tweede en derde eeuw na Chr. Ook op andere terpen zijn deze aardwerkresten gevonden. Van Friese terpen zijn 2600 fragmenten bekend en ruim 400 van de Groninger wierden. Nader onderzoek bracht aan het licht dat het hier niet ging om resten van een luxe servies dat door Friezen werd gebruikt die zich aan de Romeinse levenswijze hadden aangepast, maar dat de scherven werden ingevoerd en verhandeld onder de Friezen. De terpbewoners gebruikten de scherven om sieraden of amuletten van te maken. De Terra sigliata speelden waarschijnlijk ook een rol in rituelen van de oorspronkelijke bewoners van het noordelijk kustgebied.

Winsum

Kwelder bij Moddergat. Foto: Henk Postma

In 1997 vonden opgravingen plaats op de terp van het Friese Winsum. Tal van voorwerpen werden gevonden die dateren uit de eerste eeuw na Chr. Naast munten en aardwerkresten vond men broches, bronzen mantelspelden en glasscherven. Uit een vergelijking met vondsten uit andere opgravingen kon men de conclusie trekken dat deze voorwerpen duiden op de aanwezigheid van het Romeinse leger in dit gebied. Winsum lag toen aan het riviertje de Borne en was blijkbaar een belangrijke plaats op de route van de Rijn naar de Eems. Veel is echter nog onbekend over de Romeinse aanwezigheid op de Wadden en hoe de relatie tussen de Romeinen en de Friezen zich ontwikkelde. Feit is wel dat de handel tussen beide volkeren voordeel had van de Friezen die in het Romeinse leger dienden. Na hun diensttijd verkregen zij het Romeinse staatsburgerschap en konden handelsrelaties opzetten. Het vruchtbare kweldergebied leverde immers veel voedsel op dat de snel groeiende steden ten zuiden van de limes goed konden gebruiken. 

Bronnen

Nieuwhof., A. & T. Volkers, 2015. Luxe servies? Terra sigillata ten noorden van de limes.
 
Galestin, M. C. (2010). Roman artefacts beyond the northern frontier: interpreting the evidence from the Netherlands. European journal of archaeology, 13(1), 64-88.
 
Galestin, M.C., 2003. Winsum-Bruggeburen, third report on the Excavation. Bronze and other Roman finds.  Palaeohistoria 43/44, 469-482