Skip to main content Skip to page footer

Bioplastic-eters in de Waddenzee hebben geen last van andere nanoplastics

Door: Rob van der Wal
Datum: 9 april 2026

Er is nog maar weinig bekend over de invloed van nanoplastics op bacteriën die in de zee leven. En of ze net zo schadelijk zijn als de iets grotere microplastics. Een studie naar de effecten van nano-piepschuimdeeltjes op de bacteriële afbraak van bioplastic biedt hoop.

Je ziet ze niet met het blote oog, maar het water in de Waddenzee zit vol bacteriën. Velen doen nuttig werk, zoals het afbreken van afvalstoffen, of biologisch afbreekbare plastics. 

Maar lang niet alle microplastics zijn biologisch afbreekbaar. Sommigen breken in steeds kleinere stukjes – vergelijkbaar met menselijk haar. Die stukjes worden zo klein dat ze uiteindelijk door de door de wand van de bacterie heen kunnen dringen. Met als gevolg dat bacteriën minder effectief zijn of niet overleven. In een waterzuiveringsinstallatie kunnen microplastics er bijvoorbeeld voor zorgen dat methaanetende bacteriën, die het water reinigen, hun werk niet meer doen.

Tegelijk kunnen microplastics dienen als plek waar bacteriën op kunnen groeien, vergelijkbaar met stenen waarop mossen groeien. Ze vormen een zogenaamde ‘plastisfeer': een ecosysteem bestaande uit een dun laagje bacteriën, schimmels en ander microscopisch klein leven op een stukje microplastic. 

Biologisch afbreekbaar

Zo’n ‘plastisfeer’ kan niet ontstaan als plasticstukjes te klein worden. ,,Die nanoplastics verschillen erg van microplastics”, zegt NIOZ-onderzoeker Linda Amaral-Zettler, die de term ‘plastisfeer’ bedacht. Zo kunnen bacteriën lastiger hechten op nanoplastics doordat ze kleiner zijn, in de orde van grootte van het DNA in onze cellen. Er is nog maar weinig bekend over de invloed van die nanoplastics op bacteriën die in de zee leven. En of ze net zo schadelijk zijn als de microplastics.

Een van de onduidelijkheden rond nanoplastics die Amaral-Zettler wilde oplossen is of de minideeltjes invloed hebben op de afbraak van het bioplastic ‘PHA’. Dit type plastic wordt gebruikt voor het maken van kratten, mokken en laboratoriumproducten. Het is onder normale omstandigheden volledig biologisch afbreekbaar. Ook in de vrije natuur, en niet – zoals veel andere biologisch afbreekbare plastics – alleen in een composteerfabriek. Dat wordt gedaan door bacteriën.

Maar gaan die bacteriën anders reageren op de afbraak van PHA-bioplastic als die hinderlijke nanodeeltjes in de buurt zijn? Kunnen ze minder goed hun werk doen? 

Piepschuim

Om dat uit te zoeken, analyseerde Amaral-Zettler met haar collega’s zeewater rond Texel. Daarin komen de bacteriën die PHA’s kunnen afbreken al voor. In het laboratorium voegden ze daar een stukje PHA-folie aan toe, en nanoplastic in verschillende concentraties. Ze gebruikten één van de meest voorkomende kunststoffen op aarde: polystyreen, hetzelfde molecuul dat voorkomt in piepschuim.

Wat bleek: de aanwezigheid van polystyreen-nanodeeltjes had geen nadelig effect op de hoeveelheid PHA die was afgebroken. Of er nou geen, weinig of veel nanoplastic was toegevoegd, na dertig dagen was in alle gevallen zo’n vijftig procent van alle PHA verdwenen.

Geen excuus

,,Dat verbaasde mij wel”, zegt Amaral-Zettler. Mogelijk komt het doordat de vervelende deeltjes nanoplastic verstrikt raken in de plastisfeer die op de bioplastics leeft. Ze irriteren daar de buitenste bacteriën, maar die zijn toevallig niet zo druk met het opeten van het bioplastic. Des te hoger de concentratie nanoplastics, des te meer deeltjes gevangen raken. ,,Maar wat is het omslagpunt?”, vraagt Amaral-Zettler zich af. Oftewel: wanneer kunnen bacteriën niet langer omgaan met de stijgende hoeveelheid nanoplastics in de oceaan? Daarvoor is vervolgonderzoek nodig.

De resultaten zijn goed nieuws voor de afbraak van het biologisch afbreekbare plastic PHA in de oceaan, maar zeker geen excuus om het milieu te blijven vervuilen, benadrukt Amaral-Zettler. Micro- en nanoplastics zijn nog steeds een probleem voor onder andere de groei en voortplanting van kreeften, mosselen – en wanneer wij deze dieren eten – voor ons als mensen zelf, waarschuwt Zettler. ,,Bacteriën zijn erg veerkrachtig, maar ze zijn niet op aarde om ons plasticprobleem op te lossen.”

WadWeten

Onder de noemer WadWeten publiceren de Waddenacademie en de Leeuwarder Courant iedere maand een artikel over recent onderzoek op en rond de Wadden. Wetenschapsjournalisten Wouter Hoving en Rob van der Wal beschouwen verschillende kennisdisciplines, waaronder de biologie, geologie en cultuurhistorie. Deze WadWeten verscheen ook op de website van De Leeuwarder Courant.

Bron

Corbett, L.N., De Vogel, F.A., Van der Mark, P.B.J., Zettler, E.R., Mandemaker, L.D.B., Weckhuysen, B.M., Meirer, F., Amaral-Zettler, L.A. (2026). Impact of polystyrene nanoplastics on the biodegradation of a polyhydroxyalkanoate and its associated biofilm, Environmental Pollution, Volume 392.