Zaadkamers bij vrouwelijke muiltjes

Door: Jessica Schop
Datum: 17 november 2017

Het muiltje is een algemeen in de Waddenzee voorkomende invasieve soort. Zijn talrijkheid is deels te danken aan een ingenieus voortplantingsmechanisme. Vrouwelijke muiltjes kunnen zaad tijdelijk in lobben opslaan en de bevruchting zo tot een geschikt moment uitstellen. Franse onderzoekers hebben de kennis over deze lobben verder verfijnd. 

Invasieve soort

Het muiltje is een schelpdier dat, net zoals de Japanse oester of de Amerikaanse zwaardschede, van origine niet in de Waddenzee thuis hoort. Deze soort heeft zich vanuit de Zwarte zee via de Middellandse zee enorm uitgebreid en is nu algemeen in Frankrijk, België en Nederland. Vaak zie je muiltjes als een torentje op elkaar zitten. Het bovenste en kleinste exemplaar is een mannetje, welke  van geslacht verandert naarmate hij verder ontwikkeld en groter groeit. Het onderste, grotere individu onderaan een torentje is een vrouwtje. Muiltjes vestigen zich graag aan harde substraten in intergetijdengebieden. In de Waddenzee zijn ze voornamelijk te vinden op dijken of mosselbanken. De consequentie hiervan is dat de soort een plek en voedsel opeist  in het gebied en hiermee in competitie is met commerciële soorten zoals de mossel. Verder hechten muiltjes zich ook aan scheepsrompen. Eenmaal gevestigd op een dergelijk substraat kunnen muiltjes vele nakomelingen produceren. Franse biologen hebben nader onderzocht hoe het succesvolle voortplantingssysteem van muiltjes werkt. 

Zaadopslag

De wetenschappers bestudeerden met name of de zaadopslaglobben (seminal receptacle) bij vrouwtjes een rol spelen bij het grote reproductiesucces. Dit onderdeel heeft als functie om opgevangen zaadcellen tijdelijk op te slaan en later pas in te zetten voor het bevruchten van eicellen. Het vrouwelijk diertje parkeert dus letterlijk de ontvangen zaadcellen. Er bestaan verschillende theorieën over de functie van een dergelijk mechanisme voor dieren, zoals het uitstellen van bevruchting tot een gunstigere tijd of seizoen.

De onderzoekers hebben met behulp van een elektronenmicroscoop deze parkeerplaats voor zaadcellen van tien vrouwelijke muiltjes bekeken. De zaadopslaglobben bestaan uit negen tot elf verschillende lobben. Elk van deze lobben bestaan weer uit verschillende kwabben en juist deze kwabben blijken zo bijzonder te zijn. Elke kwab kan onafhankelijk van elkaar zaadcellen opslaan en ook weer onafhankelijk van de andere kwabben vrijgeven voor bevruchting. Doordat het muiltje vele opslagkamers heeft en deze onafhankelijk van elkaar kan legen, verwachten onderzoekers dat dit een reden kan zijn dat het muiltje een zeer lange voortplantingsperiode heeft. Tevens denkt men dat dit een grote rol speelt in de efficiënte reproductie en de succesvolle invasie van het muiltje.

Bron

Beninger, Peter G., Alexandra Valdizan, and Gaël Le Pennec. "The seminal receptacle and implications for reproductive processes in the invasive gastropod Crepidula fornicata." Zoology 119.1 (2016): 4-10.
Beninger, Peter G., et al. "Field reproductive dynamics of the invasive slipper limpet, Crepidula fornicata." Journal of experimental marine biology and ecology 390.2 (2010): 179-187.

Shumway, Sandra E., et al. "Observations of feeding in the common Atlantic slippersnail Crepidula fornicata L., with special reference to the “mucus net”." Journal of Shellfish Research 33.1 (2014): 279-291.