Hondenbacterie doodt bruinvissen

Door: Hans Revier
Datum: 20 februari 2020

Sinds het aantal bruinvissen in onze kustwateren is toegenomen spoelen ook vaker bruinvissen op de stranden aan. Forensisch onderzoek naar de doodsoorzaak bracht aan het licht dat sommige dieren zijn gestorven aan een infectie veroorzaakt door de beet van een grijze zeehond. De bacterie is ook voor mensen niet ongevaarlijk.

Strandingen

De laatste decennia is het aantal bruinvissen dat onze kustwateren bezoekt sterk toegenomen. De Noordzee heeft een stabiele populatie van ruim 300.000 dieren. Waarschijnlijk door voedselschaarste in het noordelijk deel zochten ze vanaf de millenniumwisseling steeds vaker de zuidelijke Noordzee op. Hierdoor nam het aantal strandingen van deze kleine tandwalvis op de Nederlandse stranden ook sterk toe. Elk jaar worden wel enkele honderden dode bruinvissen gevonden. De faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit van Utrecht doet onder andere in samenwerking met Wageningen Marine Research en het NIOZ onderzoek naar de doodsoorzaak.

Forensisch onderzoek

De vondst van sterk verminkte bruinvissen, zo’n tien jaar geleden, baarde veel opzien. Men dacht eerst aan een menselijke oorzaak, bijvoorbeeld wonden veroorzaakt door schroeven van een schip of netten van vissers. Maar later, na minutieus onderzoek met behulp van forensische DNA-technieken, stelde men vast dat grijze zeehonden bijtwonden hadden veroorzaakt (zie ook Wadweten CSI bruinvis: DNA levert het echte bewijs van 12 december 2014). In 2018 zijn 50 dode bruinvissen (waarvan 9 uit het waddengebied) onderzocht die waren gestrand aan de Nederlandse kust. Veertien daarvan, voornamelijk jonge dieren, hadden de aanval van een grijze zeehond niet overleefd. Veertien wat oudere dieren waren gestorven aan infectieziekten.

Hondenbeetbacterie

Nader pathologisch onderzoek naar de doodsoorzaak ten gevolge van infectieziektes vond plaats aan vier bruinvissen die in Engeland, België of Nederland waren gestrand. Bij alle dieren vond men abcessen in longen en lymfeklieren veroorzaakt door bacteriologische infecties. Met behulp van DNA-technieken kon men vast stellen welke bacterie de infecties had veroorzaakt. Het bleek te gaan om Neisseria animaloris, een bacterie die eerder in verband werd gebracht met infecties in mensen na hondenbeten. Het was echter onwaarschijnlijk dat een bruinvis door een hond was aangevallen. Men zocht uiteindelijk de verklaring in de oude bijtwonden die op deze bruinvissen aanwezig waren. Naar alle waarschijnlijkheid hadden deze dieren de aanval van een grijze zeehond overleefd, maar stierven ze een langzame en pijnlijke dood aan de door de beten veroorzaakte bacterie-infectie.

Oppassen

Inderdaad kon men het voorkomen van deze bacteriesoort ook in de mondholte van enkele grijze zeehonden vaststellen. Dat betekent dat je op je hoede moet zijn als je grijze zeehonden op het strand tegenkomt. Een beet kan ook bij mensen een akelige infectie veroorzaken. Ook is voorzichtigheid geboden bij het vinden van gestrande bruinvissen. Zij kunnen drager zijn van deze ziekteverwekkende bacterie.   

Bronnen

Foster, G., Whatmore, A. M., Dagleish, M. P., Malnick, H., Gilbert, M. J., Begeman, L., ... & Howie, F. (2019). Forensic microbiology reveals that Neisseria animaloris infections in harbour porpoises follow traumatic injuries by grey seals. Scientific reports, 9(1), 1-8.

IJsseldijk, L.L., M.J.L. Kik, & A. Gröne (2019). Postmortaal onderzoek van bruinvissen (Phocoena phocoena) uit Nederlandse wateren, 2018. Biologische gegevens, gezondheidsstatus en doodsoorzaken. Wettelijke Onderzoekstaken Natuur & Milieu, WUR. WOt-technical report 150.

Camphuysen, C. J. (2004). The return of the harbour porpoise (Phocoena phocoena) in Dutch coastal waters. Lutra, 47(2), 113-122.

Van stranding naar sectie, een filmpje over het onderzoek aan kadavers van bruinvissen, van de faculteit Diergeneeskunde Universiteit Utrecht.